Binnenverf; alles is mogelijk

Binnenverf heb je in vele soorten. Elk type verf heeft zijn typische toepassingen maar ook een eigen gebruiksaanwijzing hoe je die moet verwerken. We kennen natuurlijk allemaal de latex maar er is nog veel meer. Lees verder om te zien wat er zoal voor een keus is in binnenverf.

Laten we bij het begin beginnen. Als je aan een verfklus begint, doorloop je altijd 4 stappen. Je inspecteert de ondergrond, je bereidt hem voor (bv licht opschuren), je brengt de grondlaag aan en dan komt de afwerkingslaag.

Het begint dus al met het feit dat je verf hebt voor de grondlaag en voor de afwerklaag. Bij de grondlaag onderscheiden we doorgaans 2 soorten:

  1. Grondverf; dient om een betere hechting of dekking te krijgen. Tevens verhindert de grondverf dat eventuele vuile deeltjes van de ondergrond (zoals bv. roest) in de afwerklaag kunnen doordringen. Grondverf wordt typisch aangebracht op hout en metaal.
  2. Primer; speciaal voor poreuze ondergronden zoals muren en onbehandelde stenen en beton gebruik je een primer. Die zorgt ervoor dat je de zuiging van de ondergrond wegneemt en dat afwerklaag beter hecht.

Nadat je de ondergrond goed hebt voorbereid en behandeld met grondverf of primer, komen de afwerkverven aan de beurt. Hierin is volop keus en ook deze zetten we even op een rij. We kennen 2 hoofdgroepen; lakverven voor hout, metaal en kunststof en muurverven.

Lakverf

Lakverven zijn er in diverse samenstellingen. Zo heb je lakverf op basis van water, terpentine, thinner en terpentijn (lijnolie). Die laatste 2 heb je als particulier nauwelijks mee te maken. De thinner versie zie je nog weleens als je met spuitbussen verf werkt. De meest voorkomende was de terpentine basis maar je ziet dat de watergedragen variant steeds meer aan terrein wint.

Dat is ook logisch omdat de terpentine gebaseerde lakverven, ook wel alkydverf, schadelijk zijn voor gezondheid en milieu. Deze verf bevat namelijk veel oplosmiddel dat verdampt tijdens het aanbrengen waardoor het in de lucht komt en het ingeademd wordt. Een ander nadeel is dat met name witte tinten na verloop van tijd geel verkleuren.

Daarom gebruiken professionele schilders vandaag de dag voornamelijk lakverf op waterbasis, ook wel acrylverf genoemd. Het bindmiddel is kunststof polymeerhars en het oplosmiddel en water. Deze verf is slijtvast, milieuvriendelijk, sneldrogend en heeft een goed kleurbehoud.

Je hebt ook nog vernis, beits en coatings wat eigenlijk hetzelfde is als een lakverf. Alleen waren deze vroeger vooral blank en hadden ze puur een beschermende functie.

Muurverf

Latex is de meest gebruikte muurverf. De naam latex dateert uit de jaren veertig toen verf nog een natuurlijke latex emulsie (vloeibaar rubber) als component had. Tegenwoordig gebruiken verffabrikanten synthetische polymeren hiervoor. Latex is dus eigenlijk geen correcte term maar iedereen, ook de fabrikanten blijven die term toch gebruiken.

Ook hier zie je dat bijna alle muurverf water gedragen is. De meest voorkomende is de acryllatex. Oplosmiddel is weer water en dekking en kleur wordt verzorgd door de pigmenten en acrylaten die erin zitten. Deze latex heeft een goede dekkracht en is ook nog eens goed schoon te maken. Dan heb je ook nog vinyllatex die ademend is en licht afneembaar. Dankzij het hoog pigmentgehalte heeft deze een zeer goede dekkracht en wordt hij vaak gebruikt in badkamers.

Zoals je ziet veel keus. Dus bij twijfel kun je maar beter even professioneel advies inwinnen.